Een aanpak van onderaf

Kern van de nieuwe aanpak is: binnen transparante en vooraf helder gecommuniceerde kaders willen Friese Milieu Federatie, Comité Hou Fryslân Moai en Platform Duurzaam Fryslân dat alle wind­initiatiefnemers de kans krijgen hun plan(nen) op tafel te leggen. De bevolking wordt vanaf het begin over alles geïnformeerd en kan meedenken en meepraten. Alle plannen worden voorgelegd aan gemeenten en aan de bevolking, niet voor rituele inspraak, maar om werkelijk naar elkaar te luisteren. Een selecte, maar gezaghebbende groep van onafhankelijk deskundigen destilleert uit de beste plannen drie provinciebrede scenario’s. Die scenario’s worden aan de provincie voorgelegd voor verdere besluitvorming. Dit alles onder regie van CHFM, FMF en PDF gezamenlijk, eventueel nog aangevuld met enkele andere organisaties. Communicatie is een essentieel onderdeel van de nieuwe aanpak – naar de bevolking in het algemeen, naar de direct betrokkenen in het bijzonder en naar windondernemers die willen en kunnen voldoen aan de kaders – en daar zal dus veel aandacht aan worden gegeven.

Het is de oprechte overtuiging van CHFM, FMF en PDF dat de aanpak die zij voorstellen niet alleen veel sneller tot resultaat zal leiden, maar ook een beter resultaat zal opleveren – voor alle partijen. Het betrekken van de stakeholders in een open en eerlijk proces is de beste manier om draagvlak te verwerven en draagvlak is een essentiële voorwaarde om vooruit te komen. Als het lukt, heeft Fryslân ook landelijk iets bijzonders gepresteerd.  Fryslân legt immers niet alleen ruimtelijke reserveringen vast, maar heeft voor die reserveringen ook nog eens projecten met draagvlak bij de Friese bevolking, bij Friese natuur- en milieuorganisaties en bij Friese windondernemers. En dat alles op basis van een typisch Friese traditie: een mienskip van betrokken partijen heeft niet alleen de verantwoordelijkheid genomen voor het uitwerken van een alternatieve aanpak, maar is ook bereid de verantwoordelijkheid te nemen voor de uitvoering daarvan. Terwijl in die alternatieve aanpak het juist de lokale mienskippen zijn die alle ruimte krijgen om bij te dragen en om te profiteren van de uitkomsten.

Het proces

De uitvoering van het proces vindt in compacte stappen plaats tussen januari en oktober 2014. Na een korte informatiefase voor belanghebbenden is er een periode van twee maanden, waarin initiatiefnemers van projecten hun concrete voorstellen kunnen uitwerken en indienen bij de regiegroep.  Er is een document met heldere randvoorwaarden beschikbaar waaraan projecten moeten voldoen. Op basis van de ingezonden voorstellen ontwikkelt de regiegroep een A-lijst (met projecten die aan alle randvoorwaarden voldoen) en een B-lijst (die niet aan alle voorwaarden voldoen). De opbrengst aan projecten is de basis voor regiobijeenkomsten in mei en juni, om belanghebbenden over de ingediende projecten te consulteren. Omwonenden, natuur- en milieuorganisaties en andere belanghebbenden kunnen in die fase hun inbreng leveren op de plannen die zijn ingediend. Ook met gemeenten zal de nodige afstemming plaatsvinden. Dat geeft de initiatiefnemers van projecten nog gelegenheid om in aanvulling op de projectplannen nog in te gaan op aandachtspunten die vanuit de omgeving zijn geopperd.

De projectvoorstellen en de opbrengst uit de regiobijeenkomsten worden voorgelegd aan een onafhankelijke, deskundige Commissie van Advies. Deze Commissie van Advies komt in september met maximaal drie scenario’s om de provinciale opgave van 530,5 MW te realiseren. Dat eindrapport wordt in oktober aan Gedeputeerde Staten aangeboden, in combinatie met een procesverslag van de regiegroep. De provincie Fryslân kan dit advies gebruiken om zorgvuldige besluitvorming voor te bereiden.

Het proces beoogt een zorgvuldige route, die alle belanghebbenden in staat stelt om met afgewogen argumenten deel te nemen in de uitvoering. Die zorgvuldigheid beoogt bij te dragen aan een maximaal draagvlak om windenergie in Fryslân te realiseren met oog voor de belangen van omwonenden, ondernemers, natuur, milieu, cultuurhistorie en landschap.

Planning

-        Vanaf 17 januari 2014 start het proces.

-        In februari en maart 2014 dienen initiatiefnemers hun plannen in bij de Regiegroep.

-        Die plannen kunnen (op verzoek van de Regiegroep) worden aangevuld in april 2014.

-        Eind april 2014 stelt de Regiegroep de A-lijst en de B-lijst op;

-        In mei en juni 2014 vinden de regiobijeenkomsten plaats;

-        In juli, augustus en september 2014 werkt de Commissie van Advies de scenario’s uit.

-        In oktober 2014 dient de Regiegroep het eindrapport in bij Gedeputeerde Staten.

 

 

Nieuws